De Thrianta-Hulstlanderclub heeft een nieuwe website.

 

In de editie mei 2015 van het glossy magazine "Seasons" heeft in de rubriek "Terug op het erf" een artikel gestaan over Wil Plasmeijer en zijn Thrianta's. Een geweldige PR voor ons fraaie ras. 

Logo Seasons

artikel Seasons mei 2015

Terug op het erf

Dankzij toegewijde liefhebbers geven bijna-verdwenen boerderijdieren weer kleur aan het erf. Seasons gaat de boer op en vertelt hun verhaal.

 

Oranje boven

 

Met zijn oranjerode kleur is het Thrianta-konijn een opvallende verschijning. En dat was precies de bedoeling van de fokker tijdens de Tweede Wereldoorlog. Na de oorlog was het diertje lange tijd uit beeld, totdat Wil Plasmeijer het herontdekte. "Ik viel als een blok voor de kleur van dit konijn."

 

TEKST Renate Wilms FOTOGRAFIE Pauline Joosten

 

Destijds was Wil Plasmeijer, oprichter en bestuurslid van de Nederlandse speciaalclub voor Thrianta-konijnen, op zoek naar een konijn voor zijn zoon. Op aanraden van een fokker bezocht hij in 1970 een grote konijnenshow. "Ik viel meteen voor de kleur en de uitstraling van de Thrianta. Het is een lief konijn, sociaal en nieuwsgierig. Het komt meteen naar je toe, is heel gemakkelijk in de omgang."

 

Het ras ontstond tijdens de Tweede Wereldoorlog. Een amateurgeneticus uit Assen fokte ze in die tijd uit chauvinisme. "Het verhaal wil dat deze meneer Andrea van de Duitse bezetter niet langer goudsbloemen voor zijn ramen mocht hebben. Zo kwam hij op het idee om konijnen met een oranjekleurige vacht te gaan fokken." Hij noemde het ras Thrianta, naar de oernaam van de provincie Drenthe. Met opname in De Standaard, dat de eisen beschrijft waaraan alle in Nederland erkende konijnenrassen moeten voldoen, werd het ras in 1947 officieel. "Helaas was er onvoldoende belangstelling voor de Thrianta. De fokkers gaven er de brui aan en zo verdween het oranjerode konijn begin jaren zestig uit Nederland."

 

Gesmokkeld uit het Oostblok

Maar niet voor lang. Een liefhebber - keurmeester en fokker Coen Gelein - herintroduceerde het ras in Nederland in 1968 importeerde hij uit Duitsland enkele voedsters en een ram. Wil Plasmeijer: "Dat was geen gemakkelijke opgave de konijnen moesten inmiddels van achter het IJzeren Gordijn vandaan komen." Uiteindelijk werd er geruild, er gingen wat Hollandse Witkuiven - een hoenderras - naar voormalig Oost-Duitsland. Daarvoor in de plaats kwamen Sachsengold-konijnen terug, zoals het Thrianta-ras in Duitsland genoemd wordt. Het transport was nog een spannende aangelegenheid, want moest in het diepste geheim plaatsvinden. Maar het lukte.

Het Thrianta-konijn was terug in Nederland. Uit het eerste nestje van Coen Gelein kocht Wil Plasmeijer in 1970 twee jonge oranje konijnen, waarmee hij zelf ging fokken. Hij kwam in contact met een andere Nederlandse konijnenfokker die ook Sachsengold-konijnen had geimporteerd uit West-Duitsland. Deze waren donkerder van tint en minder compact gebouwd. "We hebben toen onze rammen geruild, hij kreeg de mijne en ik de zijne. Perfect voor de verbetering van de soort." Na een eerste nestje volgde er talloze. In 1976 richtte Wil Plasmeijer een speciaalclub op voor het ras, dat op zijn Nederlands "Sachsengoud" werd genoemd. In de tussentijd ijverde Coen Gelein voor herintroductie van de oude naam Thrianta als eerbetoon aan de grondlegger. De belangstelling nam intussen toe. Wil Plasmeijer exporteerde zelfs konijnen naar Engeland en de Verenigde Staten.

 

Hij verbleekt in de zon

Volgend jaar bestaat de Nederlandse club veertig jaar. Hij telt ongeveer honderd leden. "Allemaal liefhebbers en fokkers die zich inzetten voor het behoud van het ras." Gelukkig zit het met dat ras inmiddels gebeiteld. "Afgelopen zomer is door de Universiteit van Wageningen het erfelijk materiaal van veertien Thrianta-rammen voor de eeuwigheid vestgelegd." Zelf houdt Wil Plasmeijer gemiddelen twintig Thrianta-konijnen. "Nu de jongen worden geboren, vanaf maart tot juni-juli, kunnen dat er veertig zijn. Een deel ervan verkoop ik. Ze zijn erg gewild, want ze zijn echt prachtig". Weer wel de kleur van de dieren is teer. Krijgen ze te veel zon, dan verbleekt de oranjerode tint.

 

Bij de laatste keuring in Assen - de bakermat van het ras - werden een van Plasmeijers voedsters en een ram nummer één en twee.

 

Thrianta-konijn

 

Naam: Thrianta

Bouw: kort en gedrongen, rechte stevige poten en een korte, bolvormige kop

Gewicht: 2 tot 2,75 kg

Oorlengte: 8-10 centimeter

Kleur: oranjerood

Opvallend: zachte vacht, normaal harig, mooi fijn van structuur

Leeftijd: 5 tot 7 jaar

Aantal jongen: 4 tot 6 jongen, na een draagtijd van 28 tot 32 dagen

Karakter: aanhankelijk, nieuwsgierig, vriendelijk en alert. De Thrianta kan soms wat temperamentvol zijn

Eten: gemengde brokjes, hooi en water, plus alles wat in de natuur voorkomt, van wortel en peterselie tot fruitbomenblad en takjes. Maar alles met mate.

Fokkerijvereniging: www.thriantaclub.nl

Taalkeuze

nlenfrdeitessv

Inloggen